Samen werken aan de landbouw van de toekomst

De landbouw in Nederland loopt tegen haar grenzen aan, niet alleen als het om stikstof gaat. Klimaatverandering, terugloop van biodiversiteit, de leegloop van het platteland.

Gelukkig kan het anders – op een manier die niet alleen beter is voor het milieu maar juist ook voor de boeren zelf. 

Met de Voedselketen proberen we daar aan bij te dragen. Door praktisch aan alternatieven te werken en te laten zien dat het anders kan. Maar ook door samen te werken met andere boeren, en die alternatieven breder te trekken dan alleen ons kleine plekje onder de zon.

Alex is daarom vanuit de Permacultuur Boeren betrokken bij de Federatie van Agro-ecologische boeren: een samenwerkingsverband van boeren die laten zien dat het anders kan, en opkomt voor hun belangen. Om een ander geluid te laten horen in een discussie die steeds meer verhit begint te raken.

Bij de eerste boerenprotesten stuurde de Federatie van Agro-ecologische boeren onderstaande open brief aan Minister Schouten. Omdat het tijd is samen de schouders te zetten onder de transitie naar een duurzame vorm van landbouw.


Geachte Minister van Landbouw, Beste Carola,

We willen u een hart onder de riem steken: we vinden dat u goed bezig bent.

Met uw nieuwe aanpak van kringlooplandbouw begint er beweging te ontstaan in het gesprek over de landbouw en de wijze waarop wij in ons voedsel voorzien. Het advies van de commissie Remkes rondom de aanpak van het stikstofoverschot geeft een extra impuls: er wordt niet gekozen voor de kaasschaafmethode in het terugbrengen van de veestapel maar voor gerichte maatregelen.

In het publieke debat wordt de oplossing nu snel versimpeld tot minder boeren en modernere stallen. Alsof de boer het probleem is en alsof vee zich alleen in een stal zou moeten bevinden. In hemelsnaam niet. Wij staan voor een veehouderij met minder vee per hectare die het natuurlijk gedrag van dieren zoveel mogelijk benadert, en daar hoort een vrije weidegang bij. Met ruwe mest direct op het land of uit de potstal komt bijna geen stikstof vrij, het is juist de drijfmest die ammoniak en dus stikstofuitstoot veroorzaakt.

Waar de uitdaging ligt is het meekrijgen van de Nederlandse boeren. Het is tijd om met elkaar in gesprek te gaan: om met de boeren te praten, in plaats van over hen. Om van de boeren zelf te horen wat zij nodig hebben om de omschakeling te maken naar een duurzamer vorm van landbouw.

Voor het oplossen van de stikstofproblematiek, maar ook om het verlies van bodemvruchtbaarheid en biodiversiteit een halt toe te roepen, de leegloop van het platteland en het verdwijnen van een divers landschap te keren, om klimaatverandering tegen te gaan én er beter tegen bestand te zijn. En niet in de laatste plaats: voor de boeren. Zij zijn het die er voor zorgen dat we elke dag weer eten op ons bord hebben, vaak ten koste van hun eigen welzijn en gezondheid. Het is nu tijd om naar hen te luisteren, zodat we gezamenlijk vooruit kunnen.

Gelukkig zijn er al veel boeren in Nederland die aan de oplossingen werken. Boeren waarvan we kunnen leren en zien hoe het anders kan. Sommigen van ons boeren al vijftig jaar zo, sommigen zijn nog jong en net begonnen. Wij voelen bij de uitoefening van ons bijzondere beroep, waarbij wij grond inzetten als productiemiddel – grond die ons in feite allen toebehoort – een verantwoordelijkheid om ook goed voor deze bodem te zorgen.

Wij vertegenwoordigen deze boeren, die kiezen voor agro-ecologie en werken in samenhang met de natuur. We gebruiken geen bestrijdingsmiddelen, werken vaak met plantaardige meststoffen en zien de vruchtbaarheid van onze bodem en de bovengrondse en ondergrondse biodiversiteit als voorwaarde voor het bestrijden van ziektes en plagen. We gaan een relatie aan met onze klanten via zelfoogsttuinen, CSA’s en voedselcoöperaties. Deze directe verbinding tussen consument en boer maakt het mogelijk dat wij een eerlijke prijs krijgen, en onze klanten een eerlijk product. Samen werken we zo aan een vorm van landbouw die CO2 opslaat in plaats van uitstoot, die de kringloop sluit en stikstof vasthoudt. Die bijdraagt aan de biodiversiteit en aan de leefbaarheid van het platteland. Landbouw die goed is voor boer en burger, dier en milieu.

Graag denken we mee bij het uitwerken van uw visie op kringlooplandbouw en het wijzigen van beleid dat de landbouw nu te veel de andere kant op drijft. We zullen de boeren die de afgelopen jaren zijn meegezogen in grote schaal en grotere investeringen, en bij wie het water tot aan de lippen staat, moeten helpen om deze omslag te maken. De landbouwsubsidies uit de EU kunnen we inzetten om boeren te ondersteunen in de bijdrage die ze leveren aan het publieke belang in plaats van puur het aantal hectare dat ze onder hun beheer hebben. Wetten en richtlijnen, subsidieprogramma’s en onderzoek moeten ruimte geven aan agro-ecologie en korte keten voedselvoorziening. Het is nodig om de landbouw toegankelijk te maken voor (nieuwe) boeren die deze omslag willen maken, bijvoorbeeld door grond aan te kopen door (pensioen)fondsen en het in beheer te geven aan boeren die volgens deze principes werken. Veel kennis over agro-ecologie is al voor handen en wordt op dit moment verder ontwikkeld door boeren vanuit de dagelijkse praktijk. Die kennis en ervaring moet verder uitgebouwd worden en beter toegankelijk gemaakt voor anderen.

Het is tijd om het anders te doen. Laten we samen, boeren, burgers en beleidsmakers, aan de slag gaan.

Graag gaan we daarover met u in gesprek.

Namens de Federatie van Agro-ecologische Boeren,
Alex Schreiner, Valérie van Dijck – Permacultuur Boeren Nederland
Bregje Hamelynck, Jolke de Moel – CSA Netwerk Nederland
Joep Peteroff – Netwerk Biocyclische Veganlandbouw
Klarien Klingen, Leonardo van de Berg – Toekomstboeren
Luuk Schouten – Bio-tuinders Vereniging
Piet van IJzendoorn – BD Vereniging